Knuppel in het hoenderhok

“Fuck the system,” zei de kip. En ze stopte met eieren leggen. Terecht eigenlijk, nu ik er zo op terug kijk. Wij hadden haar geheadhunt omwille van haar uitmuntende kwaliteiten als kip. Met haar bruine veren en haar rode kam, haar dikke waggelgang en haar feilloze bek die onophoudelijk zaadjes detecteerde, was ze de kip der kippen. Net als haar zwarte running mate, die samen met haar bij ons was aanbeland, deed ze precies wat je van een kip kan verwachten: iedere dag een ei leggen.

Tijdens die beginperiode verliep onze samenwerking vlekkeloos: we kapten dagelijks ons keukenafval over de kiekendraad en in return voorzagen ze ons van proteïnen. De ommekeer kwam er toen we onlangs twee extra kippen aantrokken: zijdehoenders. Zij waren klein, geweldig donzig en hadden evengoed voor tweelingpanda kunnen doorgaan. Zij zouden het uithangbord van ons kippenhok worden, vanwege hun looks. Want eieren leggen doen deze zijdehoenders vooralsnog niet.

Het esthetisch belang van hun nieuwe hokgenoten ontging onze oerkippen compleet. Zij bleven vasthouden aan het idee dat een kip eieren legt in ruil voor eten. Gezagsgetrouw zetten ze hun werkzaamheden voort vanuit de veronderstelling dat ze hier op lange termijn voor werden beloond.

Maar terwijl de bruine en de zwarte kip zich uit de naad werkten om aan onze verwachtingen te voldoen, deden de zijdehoenders zich tegoed aan het kippeneten, zonder verder één poot te verzetten. Moet het verbazen dat dit onvrede opwekte bij de oerkippen? Zij startten een fel offensief om de orde in de ren te herstellen. Ze attaqueerden de witte kippen en dwongen met bruut geweld hun bevoorrechte plaats bij de voederbak af. Wie het hardst werkt, eet het eerst, vonden ze. De witte kipjes zaten vaak sidderend achter het hok te bekomen van de uitval.

En toen hebben wij iets gedaan wat we niet hadden mogen doen. Verblind door de charmes van de zijdehoenders kozen we geheel irrationeel hun kant. We isoleerden onze dikke kippen en gaven de kleine kipjes alle ruimte om hun niet-eieren-leggende-zelf te zijn. De wereld op zijn kop, quoi. Zo staken we onze werkpaardjes, die hun leven trouw ten dienste van ons huishouden hadden gesteld, een mes in de rug. Maar het kwam als een boemerang terug in ons gezicht. Onze tussenkomsten brachten hen ertoe om te stoppen met eieren leggen. Afgelopen. Wil je eieren? Ga naar de GB. Wat onze vooroordelen over hen bevestigde: onze dikke kippen zijn arrogant en autoritair.

Maar toen zag ik ze daar opeens ’s avonds zitten, met z’n vieren in hun hok, de nacht af te wachten. Doorheen alle stemmingmakerij waren ze er toch in geslaagd een modus vivendi te vinden, onze kippen. Wat gegeneerd geef ik nu steevast wat extra brood aan onze bruine kip, die enigszins gelouterd toch beslist heeft om opnieuw eieren te leggen.